Klik voor foto Klik voor foto Klik voor foto
 Klik voor foto Klik voor foto
 
“Domotica is helemaal geen rocket-science”
 
Maarten van der Boon
Wat is de impact van technologie op ons leven? In welk opzicht kan domotica ons dagelijks bestaan prettiger maken? Wij spraken hierover met Maarten van der Boon, ‘deskundige’ op dit gebied en binnen zijn bedrijf Novitek actief als spreker, gastdocent en columnist. “Ik ben geen techneut, maar wel iemand die de taal van techniek begrijpt en kan plaatsen.”
 
Met ruim 22 jaar werkervaring in de installatiesector en daarnaast een marketing- en communicatieachtergrond, spreekt en begrijpt Van der Boon inderdaad de taal van de installateur en techneuten. Voor branchevereniging Techniek Nederland (eerder VNI) was hij jarenlang voorzitter van de vakgroep ‘domotica’, later getransformeerd tot ‘Do-IT’, een combinatie van de werkgroepen domotica en ICT. “Ik had 15 jaar geleden het gevoel dat domotica een gamechanger zou worden voor de installatiebranche.”

Genoeg over zijn achtergrond, over naar het onderwerp ‘domotica’, waarvan Maarten zegt: “Voor mij staat domotica voor de optimale integratie van technologie en diensten. Domotica is breder dan de letterlijke vertaling (domus = huis, tica = elektronica, red.) Overigens zie ik het begrip domotica steeds minder gebruikt. In plaats daarvan spreken professionals tegenwoordig liever over IoT; the internet of things en in de consumentenmarkt lees je veel over smart home.”

Rocket-science
“Voor mij geldt: De mens is onlosmakelijk verbonden met technologie. Wat je ziet is dat technologie die ons verder brengt vaak vanaf dag één wordt omarmd. Andersom geldt: technologie die ons niet of niet duidelijk helpt, die willen we niet. Het moet ons iets brengen dat we als vooruitgang bestempelen. Als techniek ons in functionaliteit meer brengt dan wat wij hadden, dan zullen we deze accepteren en omarmen. Zo is bijvoorbeeld de smartphone er gekomen. Een jaar of 12, 13 geleden zag je een omslag ontstaan, omdat de bediening van allerlei producten, met behulp van appjes, een stuk makkelijker werd. Wat is een app? De afkorting van applicatie, een computerprogramma. Daar staan we vaak niet bij stil We gebruiken massaal de hele dag software….. Terug naar domotica. Het is helemaal geen rocket science, maar door het ict-component en doordat veel aanbod heel technologisch aangestuurd wordt, zie je dat de acceptatie soms nog wat lastig is. Als ik aan een willekeurige voorbijganger vraag: wat zegt smart home jou? Dan zal het antwoord veelal zijn: niks, ik doe daar nog niks mee. Maar 4 op de 5 zal het zeker hebben zonder zich daar bewust van te zijn.”

Maarten vervolgt: “Techniek is generiek, de toepassing maakt ‘m pas specifiek. Ik kan een camera neerzetten om jouw gevoel van veiligheid te vergroten, maar ook om de entree van een pand te bewaken of een oudere meer zelfstandigheid te geven. Dezelfde techniek, dezelfde camera, maar de omgeving is anders, waardoor er een andere functie aan dezelfde camera toegewezen wordt. Waar vroeger technologie de functie bepaalde, is tegenwoordig andersom: ik heb een product, de software daarbij bepaalt wat het product gaat doen.”

Acceptatie technologie
Van der Boon blikt kort terug: “Midden jaren ‘80 werd in Nederland het woord domotica voor het eerst gebruikt. Een paraplunaam om techniek onderling met elkaar te laten praten, in vaktaal: te integreren. Om technieken met elkaar te laten ‘praten’ zijn er protocollen in omloop. Het bekendste protocol? Dan denk ik aan IP (Internet Protocol). Wereldwijd zijn er een paar duizend protocollen, vrij vertaald: technische spreektalen waarmee apparatuur communiceert. Dat is in de essentie wat je met domotica doet; verschillende technische systemen met elkaar verbinden.” Hij geeft een eenvoudig voorbeeld: “Je verwarming technisch verbinden met zonwering; zodra de zon gaat schijnen en de zonwering uitgaat mag de verwarming uit. Dan praat je over een slimme woning. Ik trek nog wel eens de parallel met een auto. Je stapt in en je auto begint te piepen en blijft op de automatische handrem staan: ohja, de gordel moet nog om. Jouw auto helpt jou veilig te gaan rijden. Of je loopt maar je auto en met één druk op je afstandsbediening open je de auto (deur van slot), gaat je autoalarm uit en - in de schemeravond - bijvoorbeeld je lampen branden als oriëntatieverlichting. En hoe doe je dat thuis? Met een sleutel, in het donker. Hoe vaak maak je je voordeur open ten opzichte van je autodeur? Het gekke is dat we wel investeren in die techniek voor de auto, terwijl als we kijken naar de woning, waar dat ook al sinds jaar en dag prima kan, we dat nog heel weinig doen. Hebben we daar geen geld voor over, zijn we ons niet bewust van de mogelijkheden? Ik doel hiermee op de acceptatie van technologie. Zodra we het voordeel zien, accepteren we het. Blijkbaar is die acceptatie voor de woning nog niet volledig aan de orde.”

Gadget versus noodzaak
Domotica geeft gebruikers bepaalde gebruiken om prettiger te leven. Een slim huis kan veel comfort bieden. Hoe slim je je huis wilt hebben, dat bepaal je zelf. Een gadgetfreak zal daarin verder gaan dan een ander: voor de een is het een noodzakelijk iets om je welstand hoog te houden , voor de ander is het ‘gewoon leuk’. En waar de een het cool vindt om de verlichting in de woonkamer met een appje te regelen, kan het voor iemand die op bed ligt wegens omstandigheden, een gevoel van comfort bieden, de vrijheid dat je toch zoiets zelf kunt regelen. In de zorg helpt domotica mensen thuis te blijven wonen. Gadget versus noodzaak.”

“Je ziet technologie steeds verder integreren. Neem de smartpone: het minste wat we daarmee tegenwoordig doen is bellen. Om maar aan te geven hoe ons gedrag door technologie beïnvloed wordt. Er is onderzocht wat mensen als eerste doen wanneer ze ‘s ochtends wakker worden: kijk je als eerste naar je partner of naar je telefoon? Precies, dat laatste!”

Tompouce
Van der Boon vergelijkt domotica met een tompouce. “De onderlaag, de bodem, moet goed zijn en bestaat uit twee basiszaken: 1=energie (elektra) 2=communicatie (ict). Die 2 basiszaken moet je hebben, dat is het chassis van je auto. Zonder goed chassis heb je geen auto; misschien wel een voertuig, maar dan heet het een fiets”, lacht Van der Boon. “Op de tompoucebodem ligt de puddinglaag: een hele boel ingrediënten die samen de ‘pudding’ maken. In de metafoor naar domotica staat de pudding voor mij voor allerlei technieken, als bijvoorbeeld: verlichting, audio/video, zonwering, communicatie, verwarming, koeling, beveiliging, toegang etc. Welke technieken dit zijn? Dat hangt af van allerlei actoren: budget, voorkeur, gewenste uitstraling. De functionaliteit van deze technieken wordt zichtbaar in het bovenste laagje: de glazuurlaag van de tompouche. Dit zijn de basale functies. Bij sommige tompouces zit er bovenop nog een beetje slagroom: symbool voor specifieke functies. In huis heb ik voor mijn moeder van 85 geen zusterroepsysteem nodig zoals in een verzorgingshuis, maar het is wel handig als ze een noodoproep kan doen indien nodig. En om de metafoor af te maken: het leuke chocolaatje bovenop zijn de gadgets. Wat heb je er voor over. Leuk, zo’n smartwatch waarop je het energiegebruik van je woning kunt zien. Het chocolaatje zijn de extra snufjes.”

Een tompouce, zo’n ingewikkeld gebakje om te eten. Van der Boon haakt daarop in: “Hoe wordt een tompouce gegeten? Dat verschilt enorm, blijkt uit onderzoek. Over het algemeen eet men hem in delen waarbij eigenlijk in alle gevallen de bodem stevig genoeg moet zijn. Anders zakt ‘ie in elkaar. Ook in je woning begint het met de basis: een degelijk energie- en communicatie netwerk, de infrastructuur. Als mensen nadenken over het smart maken van hun woning is het dus zaak eerst te kijken naar die basisinfrastructuur. Het is stap 1. En daarna: wat wíl ik in het wonen? Verlichting regelen op afstand, koppeling met audio, cv-ketel (verwarming), systemen met elkaar laten praten o.b.v. mijn gebruikersprofiel... Smart homes spelen in op kwaliteit van leven. Dat is anders voor iemand van 80 dan voor een 19-jarige. Het verschil zit ‘m in bovenlaag.”

Slimme trends
In de wereld van smart homes is een belangrijke vraag: hoe smart blijf je zelf? “Veiligheid is op dit moment zeker een issue. Wie is nu eigenlijk verantwoordelijk voor de veiligheid van IoT? In hoeverre kunnen anderen toegang krijgen tot jouw woning? Het idee: help, mijn huis is gehackt in plaats van slechts je computer…. daar worden mensen niet blij van.” Hij vervolgt: In domoticaland zie je nu ‘zoveel mogelijk draadloos’ als trend. Dat betekent overigens niet letterlijk zonder draad, maar om communicatie op een andere manier. Op gebied van onderlinge communicatie is er een ontwikkeling gaande van Wifi naar Lifi: internet via lichtverbindingen. Elke lamp in je woning kan zo een toegangspunt worden voor jouw mobiele apparatuur, voor je mobiele devices. Licht is dan je transportkanaal geworden (voor internet). Slimme lampen dus. En verder? Het smart entertainment, praten tegen je apparatuur zoals we nu al doen met Siri op onze telefoon, ik geloof dat dat zeker een vlucht gaat nemen. Net als sensortechnieken in wasmachines en koelkasten die op grond van jouw wasgoed of consumeerprofiel van alles zelf regelen. AEG en Miele hebben daar al mooie voorbeelden van, Samsung heeft koelkasten die met internet communiceren, zelf recepten zoekt. Apparatuur die met elkaar praat bestaat al langer. Wasmachines die hetzelfde werken als een inkt-jet printer, sensoren bepalen welk en hoeveel wasmiddel er nodig is uit een bepaalde cartridge. Gecombineerd met juiste hoeveelheid water op een afgestemde temperatuur. Niet nieuw, maar nog nauwelijks geaccepteerd. Het hoort ook nog in een bepaalde prijsklasse. Maar straks wordt dat vanzelf normaal. En dan gaat het net zo standaard worden als dat je nu je auto met een afstandsbediening opent.”

De empatische woning
Nog even terug naar die tompouce tot slot. “Als je in het woondomein praat over domotica, dan wordt er vaak naar de bovenlaag van de tompouce gekeken: de slagroom en het chocolaatje, ofwel de gadgets, de specifieke functies. Domotica wordt nog vaak gezien als ‘leuke extra’s’ met daarbij de vraag: hebben we het echt nodig? Maar het zal meer en meer iets worden wat we allemaal gaan gebruiken. Domotica 1.0 was heel technologisch gestuurd, 2.0 werd meer functioneel. En nu zien we steeds meer versie 3.0., de empatische woning en wijk. Vanuit de HAN en Universiteit Eindhoven wordt onderzocht: hoe zou een woning of wijk met inzet van technologie slim ingericht kunnen worden, zodat onderdelen meerdere functies krijgen. Bijvoorbeeld dat je overdag een gebied in de wijk gebruikt als speelplek en ’s avonds door projectie van wegbelijningen inricht als parkeerplaats. Of fietspaden die opgeslagen energie omzetten naar warmte, wat in de winter gebruikt wordt om bevriezing of gladheid door sneeuw tegen te gaan. In woningen kun je bewoners positief beïnvloeden door bijvoorbeeld aanwijzingen te geven, medicatie herinneringen, beelden, loopverlichting. Waardoor ouderen en dementerenden veel langer thuis kunnen wonen. IoT, the internet of things, wordt steeds meer iets wat ons echt comfort kan bieden. Het zal ons steeds meer brengen, zoals langer zelfstandig kunnen wonen. Ik ben er van overtuigd dat er een hele groep ouderen is die nog zelfstandig is dankzij technologische ondersteuning.”

“Een slimme woning is in de zorg, wat vroeger de aanleunwoning was. Een virtuele aanleunwoning, in de wijk. Laat je niet afschrikken door fancy, hippe terminologieën, maar kijk naar de essentie: wat gebeurt er, is het handig en heb ik het nodig.”
 
 
Delen
 
WTM• Woon Trend Magazine | 2019 - februari |
Categorie: Domotica
 
Relevante publicaties
Vertaal via Google
Uw mening
Merkt u wel eens dat uw klanten rechtstreeks in China kopen?